strijdbijl

Ex-arbeidsongeschiktheidsverzekerde

70% van de Nederlanders die gedoe hebben met een verzekeraar onderneemt geen juridische actie. Daar zijn allerlei redenen voor. Geen energie (want ziek). Geen moed meer. Geen rechtsbijstandsverzekering. Geen geld. Of: all of the above, zoals ik.

27 februari 2015
1 reactie

Tags: , ,

Ik heb een conflict met mijn arbeidsongeschiktheidsverzekeraar. 1,5 jaar geleden is het contract eenzijdig opgezegd. Ik was het er niet mee eens. Maar kort na de chemo, bestralingen en het revalidatieprogramma gooide ik het bijltje erbij neer in dit ‘geschil’. Tijdelijk, nam ik me heilig voor.

In deze column ga ik niet in op het waarom, omdat het conflict nog loopt. Maar ik kan je wel vertellen dat het knap ellendig is. “Dat kun je er nu echt niet bij hebben”, zeiden familie, vrienden en collega’s vol plaatsvervangende boosheid. Tot dat moment heb ik gedacht dat de zakelijke kant van mijn bedrijf goed geregeld was. Ik had meerdere klanten, een financiële buffer en geen schulden. En in m’n 2e jaar als fulltime freelancer sloot ik via een sympathieke belangenorganisatie een arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) af. Een broodfonds was er nog niet in Rotterdam.

Nu vraag ik me al ruim een jaar af: “Zal ik ooit het geld ontvangen waar ik recht op heb? Krijg ik ooit de keuzevrijheid terug om mijn inkomen te verzekeren?”. Mijn plan is om nog minstens 22 jaar zzp’er te zijn, maar is dat mogelijk?

Ik bond de strijd aan met de verzekeraar. Zelf. Na maanden zonder inkomen had ik weinig keus. Het juridische abonnement, wat ik tegelijk met de verzekering had afgesloten, gaf me enkel recht op advies. Wilde ik een jurist inhuren dan moest ik dokken. Dus vroeg ik m’n huisarts om zijn mening en klom in de pen. Ik stuurde een uitgebreid bezwaarschrift. De verzekeraar reageerde met een summiere brief waarin nog niet de helft van mijn argumenten werd behandeld. Om moedeloos van te worden. Woede, wanhoop en de tijd die erin ging zitten… Het ging niet samen met de wederopbouw van mijn conditie en mijn bedrijf.

Het hakte diep in mijn armzalige energievoorraad.

Maar begin 2015 herstartte ik als webregisseur met een hele mooie klus. Ik deed twee dingen toen ik die opdracht binnen had: 1. Feestvieren met mijn man en kinderen. En 2: Een jurist bellen.
De bijl wordt opnieuw geslepen.

Twee weken later zat ik op kantoor bij een ‘juridische straatvechter’ (wat klinkt dat lekker Rotterdams). Uiteraard die gespecialiseerd is in arbeidsongeschiktheidsverzekeringen. Zij vertelde over die 70%, een inschatting gebaseerd op haar praktijkervaring. Overtuigd van mijn zaak hoor ik bij de overige 30%. Toch was ik strontnerveus. Want stel je voor dat deze expert er anders over dacht. De jurist onderschreef gelukkig al mijn argumenten, scherpte ze aan én vond er meer. Ik kan dan ook zeggen: wordt vervolgd.

1 reactie

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *